STAND.


De rol van de huisarts is toe aan een make-over


Dekomende tien jaar gaat bijna de helft van alle Friese huisartsen met pensioen. Ondertussen krijgen de huisartsen er steeds meer werk bij: meer kwetsbare patiënten en meer complexe zorgvragen. Hoe gaan we verder? Drie reacties op de stelling ‘De rol van de huisarts is toe aan een make-over’.

Rosanne Koster-Top
huisarts

‘We moeten als huisarts blijven wie we zijn’

‘Vooropgesteld: huisarts zijn is een prachtig vak. En de huisarts is een veelzijdige zorgverlener. Daarom is het logisch dat er zorgtaken van de tweede lijn (ziekenhuis) naar de eerste lijn verschuiven. Nu bijvoorbeeld helpen we al patiënten met diabetes of psychische klachten. In de toekomst komen daar nog meer patiëntgroepen bij.

Ons takenpakket groeit dus en daarmee de werkdruk. Gevolg is dat je lang niet altijd de tijd voor een patiënt kunt nemen die je zou willen. En door het tekort aan huisartsen in Friesland is er op veel plekken minder continuïteit dan vroeger. Kortom: we moeten met minder mensen steeds meer doen. En dat ook nog eens voor een populatie die snel vergrijst. Hierdoor komt op den duur de kwaliteit van zorg in het geding.

Toch zie ik de toekomst van de Friese huisarts met enthousiasme tegemoet. Door eerste en tweede lijn sterk met elkaar te verweven, extra mensen op te leiden en door gebruik te maken van e-health, verwacht ik dat we optimale zorg kunnen blijven bieden. Daarbij is het belangrijk dat we als huisarts blijven wie we zijn: een generalist – want dat zijn we bij uitstek – in een kleine en persoonlijke praktijk, die dicht bij zijn patiënten staat.’

Frederik Heeres
huisarts

‘Patiënten kunnen we meer betrekken bij hun behandeling’

‘Patiënten nemen steeds meer zelf de regie over hun gezondheid. Er is meer informatie voor ze beschikbaar, ze hebben zelf ideeën over diagnostiek en behandeling en kunnen hun eigen dossier inzien. De huisarts krijgt daardoor steeds meer een coachende rol. Ik denk dat je deze ontwikkeling niet als bedreiging, maar als kans moet zien. Wel neemt de druk op de huisartsenpraktijk toe door de veranderende verwachtingen bij de patiënt, maar zeker ook door toenemende zorgtaken en complexere zorgvragen.

Daarop moeten we onze praktijkorganisatie aanpassen. Ons praktijkteam is de laatste jaren uitgebreid met praktijkverpleegkundigen, physician assistents en een praktijkmanager. We werken intensief samen met andere prakijken en zoeken daarnaast samenwerking met onder meer gemeente, thuiszorgorganisaties, jeugdgezondheidszorg, tweede lijn en andere paramedici. In mijn ogen moet de normpraktijkgrootte verder omlaag worden bijgesteld én is er ruimte nodig voor innovatieve ideeën, die zorg beter en effectiever maken. Langetermijnafspraken met de zorgverzekeraar zijn hiervoor een noodzakelijke voorwaarde.

Het is ook belangrijk dat patiënten zich meer bewust worden van de eigen verantwoordelijkheid ten aanzien van hun gezondheid. En via e-health en zelfmanagement kunnen wij ze meer betrekken bij hun behandeling.

Als dit allemaal slaagt, kunnen we ons als huisarts vooral richten op de complexere zorg. Dan vermindert onze werkdruk en houden we plezier in ons werk!’


Peter Semplonius
accountmanager huisartsenzorg bij De Friesland

‘De huisarts kan de oren en ogen in zijn netwerk gebruiken’

‘De tijd van de huisarts is schaars. Door de vergrijzing en een tekort aan zorgpersoneel blijft dat voorlopig zo. En dan krijgt de huisarts er ook nog taken bij. Bijvoorbeeld rond ouderenzorg, GGZ-zorg en zorg voor chronisch zieke patiënten.

Het vraagt van de huisarts dat hij zijn praktijk aanpast aan het steeds veranderende zorglandschap. Door steeds meer samen te werken met andere zorgverleners in de buurt, meer taken te delegeren aan bijvoorbeeld praktijkondersteuners en door gebruik te maken van slimme ICT-toepassingen.

De huisarts blijft de poortwachter; de spin in het zorgweb. Maar hij kan nog meer gebruik maken van de oren en ogen in zijn netwerk. Denk aan de sociale wijkteams, die kwetsbare mensen in beeld kunnen krijgen.

Vanuit De Friesland denken we zoveel mogelijk mee met de huisarts. Zo houd ik me niet alleen bezig met de inkoop van huisartsenzorg, maar heb ik dagelijks contact met huisartsen over de ontwikkelingen in hun vak en hun praktijk. Het gedroomde eindbeeld: een gemeenschap waarin we mét elkaar vóór elkaar zorgen en waarin we de juiste zorgprofessional op het juiste moment inzetten.’